De Wet op de economische delicten (WED) speelt een belangrijke rol bij de handhaving van regels in het economische verkeer. Overtreedt iemand bewust of onbewust deze regels dan kan er sprake zijn van een economisch delict en dus een strafbaar feit. In dit artikel leggen wij uit wat er in de wet staat, hoe de WED werkt, welke straffen of boetes u kunt verwachten en wanneer een gespecialiseerde advocaat verstandig is.
Wat staat er in de Wet op de economische delicten?
De Wet op de economische delicten WED bevat een veelvoud aan bepalingen over de opsporing, vervolging en bestraffing van economische strafbare feiten. Deze wet is sinds 1950 van kracht en is bedoeld om de naleving van sociaal economische wetgeving af te dwingen. De wet werkt als een kapstok voor bepalingen uit andere wetten waarvan de meest bekende:
- de Warenwet;
- de Douanewet;
- de Wet milieubeheer;
- de Telecommunicatiewet;
- de Tabaks- en rookwarenwet;
- de Arbeidstijdenwet;
- de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering en terrorisme.
Bovenstaande wetten zijn maar een korte opsomming van alle bepalingen zoals opgenomen in artikel 1 en 1a, van de WED. Wanneer iemand regels uit deze wetten overtreedt kan dit leiden tot een vervolging voor een economisch delict. De WED bepaalt per bepaling of het gaat om een overtreding of een misdrijf.
Is een economisch delict een strafbaar feit?
Het interessante aan de WED is dat overtredingen van economische delicten zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk kunnen worden bestraft. Een betrokkene of een verdachte kan te maken krijgen met diverse toezichthoudende instanties zoals de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA), de Inspectie voor de gezondheidszorg (Igz), de Autoriteit Consument & Markt (ACM), de Autoriteit Financiële Markt (AFM), De Nederlandsche Bank (DNB), de Kansspelautoriteit (Ksa), Nederlandse Arbeidsinspectie (Inspectie SZW), Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (FIOD) en het Openbaar Ministerie (OM).
In de meeste gevallen zal men in het strafrecht te maken kunnen krijgen met de FIOD, de ILT, de NVWA, de Arbeidsinspectie en/of het OM. Wanneer er voldoende bewijs voorhanden is dan zal de verdachte gedagvaard worden voor de economische strafkamer. Net zoals in het commune strafrecht kan er in het economisch strafrecht een boete, taakstraf, en/of een gevangenisstraf opgelegd worden. Naast deze hoofdstraffen kunnen er ook bijkomende straffen worden opgelegd zoals bijvoorbeeld een beroepsverbod.
Als het gaat over een economisch delict in het kader van de WED dan gaat het om “opzet”. Daarbij zijn de Spinazie-, Krulsla- en Aushilfe-Lohn arresten bijzonder belangrijk. Opzet in economische strafzaken heeft in beginsel dezelfde betekenis als in commune strafzaken en is dus geen “boos” maar “kleurloos” opzet en dat betekent dus dat de verdachte zich niet bewust hoeft te zijn geweest van de strafbaarheid van zijn of haar handelen. Het is dus bijzonder belangrijk om in het verhoor hierop bedacht te zijn. Met inachtneming van (mogelijk) zware sancties is het verstandig om in een zo vroeg mogelijk stadium een rechtskundige op dit gebied in te schakelen. Eén van onze fiscale strafrechtspecialisten zal u met raad en daad terzijde staan in het verhoor.
Handhaving
Als het gaat om handhaving en bevoegdheden dan heeft de WED een bijzondere bepaling. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat opsporingsambtenaren op grond van de Wet op de economische delicten bevoegd zijn opsporingshandelingen te verrichten zover dat redelijkerwijs nodig is voor de vervulling van hun taak. Daaronder valt niet alleen het optreden na een gerezen verdenking in de zin van artikel 27 van het wetboek van Strafvordering, maar ook het optreden op grond van “aanwijzingen” dat de wet niet wordt nageleefd. Er hoeft dus geen sprake te zijn van een verdenking zoals bedoeld in artikel 27 van het Wetboek van strafvordering. De bevoegdheden uit de WED mogen worden aangewend wanneer er sprake is van een aanwijzing dat een economisch voorschrift niet is nageleefd.
“Zijn er aanwijzingen, dat een economisch voorschrift niet is nageleefd, dan brengt het belang van de opsporing mee dat (…) wordt nagegaan waar zich in concreto een overtreding voordoet” (Kamerstukken II 1968/69 9608).
Daarnaast mogen deze bevoegdheden ook aangewend worden tegen personen die niet als verdachte zijn aangemerkt in de zin van artikel 27 van het Wetboek van strafvordering. Op grond van artikel 25 WED geldt voor de opsporing van economische delicten de bepalingen uit het Wetboek van strafvordering, tenzij de WED of een in artikel 1 of artikel 1a genoemde wet anders bepaald.
Straf of boetes voor economische delicten
De hoogte van de straf of boete hangt af van het soort delict en of het een overtreding of een misdrijf is. In artikel 6 WED staan de straffen vermeld. Bij een misdrijf kan het oplopen tot een gevangenisstraf van maximaal zes jaren, een taakstraf of een geldboete van de vijfde categorie en wanneer het gaat om een overtreding dan een gevangenisstraf van maximaal één jaar, taakstraf of een geldboete van de vierde categorie. Daarnaast kunnen er bijkomende straffen op grond van artikel 7 WED en maatregelen op grond van artikel 8 WED worden opgelegd.
Hoe kan ik een economisch delict melden
Heeft u het vermoeden dat er sprake is van een strafbaar economisch delict dan kunt u dit melden bij de toezichthouder die verantwoordelijk is voor het betreffende onderwerp zoals:
- NVWA bij voedselveiligheid of consumentenproducten;
- Inspectie SZW bij arbeidsomstandigheden of uitbuiting;
- Omgevingsdiensten of ILT bij milieudelicten
- Belastingdienst of FIOD bij fraude of belastingzaken.
Tot slot kunt u anoniem melding doen via Meld Misdaad Anoniem via 0800-7000. Let op: het doen van een valse melding kan strafbaar zijn
Wanneer is een advocaat verstandig?
Bent u als ondernemer, bestuurder of medewerker betrokken bij een onderzoek naar een economisch delict dan is het verstandig om per direct juridisch advies in te winnen. De grens tussen toezicht en strafrecht is soms flinterdun. Een strafrechtadvocaat kan u ondersteunen in het strafrecht en een bestuursrechtadvocaat kan u ondersteunen bij een bestuursrechtelijke sanctie. In beide gevallen zal een advocaat u adviseren over uw juridische positie, bijstand tijdens het verhoor, en namens u verweer voeren. Wanneer u te maken krijgt met handhaving op grond van de Wet economische delicten (WED) dan, is de bijstand van een gespecialiseerde advocaat binnen het economisch strafrecht bijzonder gewenst.





