Slachtoffers en nabestaanden kunnen in bepaalde gevallen deelnemen aan een strafproces als benadeelde partij. Dit geeft de mogelijkheid om schadevergoeding te eisen voor de schade die zij hebben geleden. In dit artikel leest u wat dit betekent, wat de voorwaarden zijn en hoe de procedure verloopt.
Wat is voegen als benadeelde partij in het strafproces?
Voegen als benadeelde partij betekent dat u zich aansluit bij het strafproces om een vordering tot schadevergoeding in te dienen tegen de verdachte. U hoeft hiervoor geen aparte civiele procedure te starten: de strafrechter kan tijdens het strafproces ook beslissen over uw schadeclaim. Dit maakt het voor slachtoffers en nabestaanden eenvoudiger en laagdrempeliger om hun schade vergoed te krijgen.
Juridische grondslag
De mogelijkheid om u te voegen als benadeelde partij is geregeld in artikel 51f van het Wetboek van Strafvordering (Sv). Hierin staat dat zowel slachtoffers als nabestaanden een vordering tot schadevergoeding kunnen indienen. Het gaat om:
- Materiële schade: zoals medische kosten, inkomensverlies of uitvaartkosten.
- Immateriële schade: zoals affectieschade (verdriet na overlijden van een naaste) of shockschade (psychisch letsel na directe confrontatie met het strafbare feit).
Voegen als slachtoffer
Slachtoffers van een strafbaar feit kunnen zich voegen als benadeelde partij wanneer hun schade rechtstreeks is veroorzaakt door het delict.
Voorwaarden
- Er moet een direct verband zijn tussen het strafbare feit en de schade.
- De vordering moet tijdig worden ingediend, vóór het requisitoir van de officier van justitie.
- De schade moet duidelijk zijn gespecificeerd en met bewijsstukken worden onderbouwd.
Procedure
- Indienen van de vordering bij het Openbaar Ministerie.
- Bespreking van de schadevergoeding tijdens de zitting.
- De rechter kan de vordering geheel, gedeeltelijk of niet toewijzen.
Voegen als nabestaande
Ook nabestaanden kunnen zich in bepaalde gevallen voegen als benadeelde partij, bijvoorbeeld na het overlijden van een naaste door een strafbaar feit.
Voorwaarden
- Alleen mogelijk als het overlijden rechtstreeks het gevolg is van het strafbare feit.
- Recht op vergoeding van uitvaartkosten, affectieschade en shockschade.
- Erfgenamen hebben dit recht niet automatisch; alleen de in de wet genoemde nabestaanden komen in aanmerking, tenzij het slachtoffer zelf had aangegeven zich te willen voegen.
Procedure
Het verloop is gelijk aan dat van slachtoffers. De rechter beoordeelt daarbij ook of er voldoende verband is tussen het strafbare feit en het overlijden.
Wanneer is voeging niet mogelijk?
Een vordering kan niet-ontvankelijk worden verklaard. Dat is het geval wanneer:
- De schade niet rechtstreeks is veroorzaakt door het strafbare feit.
- De vordering te complex is (een onevenredige belasting van het strafproces), waardoor de schadevergoeding bij de burgerlijke rechter dient te worden behandeld.
- Een erfgenaam zich wil voegen zonder dat de overledene zich als benadeelde partij heeft gesteld in de strafzaak.
- Wanneer de verdachte wordt vrijgesproken en/of dat er sprake is van strafuitsluitingsgronden.
Alternatief: civiele procedure
Als voeging niet mogelijk is of de rechter de vordering niet-ontvankelijk verklaart, kunt u altijd nog een civiele procedure starten bij de burgerlijke rechter.
Veelgestelde vragen over voegen als benadeelde partij (FAQ)
1. Welke schade kunnen slachtoffers vorderen?
Slachtoffers kunnen materiële schade (bijvoorbeeld medische kosten, inkomensverlies) én immateriële schade (zoals smartengeld) vorderen.
2. Welke schade kunnen nabestaanden vorderen?
Nabestaanden kunnen onder meer uitvaartkosten, affectieschade en shockschade vorderen.
3. Tot wanneer kan ik mij voegen als benadeelde partij?
De vordering moet vóór het requisitoir van de officier van justitie worden ingediend.
4. Kunnen erfgenamen zich altijd voegen?
Nee, erfgenamen zijn niet automatisch benadeelden. Alleen als het slachtoffer zelf had aangegeven zich te willen voegen, kan dit alsnog.
5. Wat gebeurt er als de rechter mijn vordering niet-ontvankelijk verklaart?
U kunt de schadevergoeding dan alsnog vorderen via de civiele rechter.





